Altijd verder

Een ode aan mijn eerste ultra

Een tijd geleden las ik ergens, volgens mij in de Runners, hoewel ik het niet zo zeker meer weet, een hele mooie quote, zoals je wel vaker hele mooie quotes leest. Waar je de meeste quotes niet onthoudt, bleef deze me wel bij. Wat ik las was raak. Het was de werkelijke waarheid, hoewel die meer dan logisch leek. Maar in deze ogenschijnlijk doorsnee quote, werd benadrukt wat een ander aan het oog ontglipt. Sommige dingen moet je horen, voordat je er je vinger op kan leggen. Helaas kon ik de quote niet terugvinden, wat mij met veel spijt vervuld heeft, aangezien ik ook erg graag de uitspreker van de mooie uitspraak zou willen achterhalen. Maar ja, het zij zo…

In de quote kwam het er op neer dat geen enkele ultraloop, marathon, wedstrijd, training of wat dan ook (maar specifiek ultraloop) nooit verder is dan 17 cm. Ik moest daarover nadenken. En nog een keer. Huh? Maar wat dan als je een 100-mijler loopt? Het duurde even voordat ik ‘m snapte. Die 17 cm duidde op de doorsnee van je hersenpan, je mentale brei daarboven, alles tussen je linker en je rechter oor.

Met andere woorden: mind over body. Als je een ultraloop loopt, dan loop je met je hoofd. En ja, dat kennen we allemaal wel, soms kan je harder pushen en andere keren geef je op omdat je geen puf hebt. Soms gaat het gewoonweg niet. Maar bij een ultra moet je wel.

En op een of andere manier ging het ook. Op 21 december 2019, de kortste dag van het meest bijzondere jaar ooit, liep ik mijn eerst marathon en ultra bij The Dice in Sint Geertruid. Een speciale wedstrijd met speciale mensen en een speciale organisatie. Een redelijk gestoorde uitdaging leek het vooraf, en misschien zit er ergens wel een steekje los. Maar wie niet waagt wie niet wint. En die zotheid kan de pret niet drukken.

Om 9 uur op een ordinaire zaterdag begon het festijn. De dobbelsteen zou 12 uur lang beslissen wat er gelopen werd. Één oog op de dobbelsteen stond voor 3 km rennen in 30 min, dus er kon voor 3, 6, 9, 12, 15 of 18 km gegooid worden. Om 8u55 werd er 4 gegooid, dus 12 km. Even wakker worden en lekker op het gemakje met Pap en Nicole door de heuveltjes, het Savelsbos verkennen. Anderhalf uur later waren we terug bij de start/finish locatie en kregen we onze eerste high-five van organisator Cor. De cut-off tijd voor dit rondje was 2 uur, dus we konden nog mooi een half uur uitpuffen.

Een 15 km volgde. Er stond al 27 km op de teller. Ik moet zeggen dat het erg rustig aan en soepel ging. Ik voelde me lekker en werd helemaal niet moe. Normaal als ik 27 km als duurloopje loop, ben ik daarna wel echt leeg en gesloopt. Nu had ik tussendoor beter gegeten. Ik liep op Tailwind, bananenbrood, groene smoothie en vegan winegumwormpjes. Kennelijk was dat precies wat ik nodig had.

Nog een 12 km… Hetzelfde rondje nog een keer. En ik had besloten nu mijn eigen tempo te gaan lopen, ook al had ik geen gpx op mijn horloge en was ik afhankelijk van andere deelnemers om de juiste route te volgen. Na deze afstand had ik 39 km afgelegd. De langste afstand die ik hiervoor ooit gelopen had was 28 km… Maar ik werd gewoon niet moe? Het leek wel of ik per kilometer meer energie kreeg, zeker toen de marathonafstand in zicht kwam. De lach op mijn gezicht werd steeds groter. Echt heerlijk.

De routes gingen door het Savelsbos, met veel steile trappen (één hele hele lange, die soms meerdere keren in dezelfde route was gepropt, en dus ook meerdere keren vervloekt werd), lange stukken vals plat, takken om overheen te springen, leuke afdalingen, vettige modder, blaadjes blaaadjes blaaaadjes en soms een weiland met een koe of ezel. Een heel mooi Limburgs herfstbos.

Na de 12 km mochten we een 6 km (joepieee die route hadden we nog niet gehad :D) Vreemd genoeg kon ik steeds met de eerste mannen mee. Ik verbaasde mezelf aan alle kanten, ik snap nog steeds niet hoe ik het kon. Want die spieren deden wel écht pijn, maar toch, ik moest niet eens heel hard pushen om heuvels op te rennen. Uiteindelijk deed het net zoveel pijn om langzamer te lopen, dus waarom dan niet gewoon lekker snel? Die krachttraining van de afgelopen maanden leek toch eindelijk zijn vruchten af te werpen. Met 35 km in de benen moest ik denken aan wat marathonlopers altijd zeggen over de man met de hamer. Die zou ik volgens hun theorie vrij snel tegen moeten komen. Maar ik denk dat ie me niet bij kon houden of misschien was ie verdwaald, want ik heb hem niet gezien*. Tot een bepaald punt voelde ik de pijn, maar daarna werd het niet meer erger. En dat is het punt waarop je door moet gaan.

*misschien omdat m’n bijnaam ‘het meisje met de hamer’ is? Dan komt die studie aardwetenschappen tenminste al een keer van pas ;D

Het voelde goed en ik was blij. Het was gezellig om steeds met hetzelfde groepje te lopen. Mensen die je nooit eerder hebt gezien, worden vrienden. Dat is waar het sjokken op de trails echt om gaat. Slap gelul, samen die verrekte trap vervloeken en tegelijkertijd het ultralopen verheerlijken. Allemaal even zot.

Nog een rondje van 9 voor het avondeten. Weer langs de Henkeput, waar we zelfs nog tijd hadden om te stoppen en muntjes in de (wens?)put te gooien. Waarom die muntjes daar hingen? Geen idee…

Friet met zuurvlees die ik mooi liet staan, want ik had zelf een paar kilo pastasalade gemaakt. Ik blij, want daarvan kreeg je niet zo’n gewicht van 5 kilo in je maag tijdens het rennen. Na het avondeten weer hetzelfde rondje van 9. Toen bleek dat we de muntjes eerder niet in de Henkeput hadden moeten gooien om een wens te doen, maar die als check moesten meebrengen naar de finishlocatie. Oeps…
De hoofdlampjes gingen aan, de stemming zat er goed in. Een lange sliert met lopende lichtjes over de heuvel. Net dansende kerstlampjes. Er waren al heel wat mensen afgehaakt. Het grootste deel van de resterende deelnemers was vastberaden om de wedstrijd tot 21u helemaal uit te lopen. Ik wist het niet, ik zou wel zien, voorlopig ging het wel, maar dat zou elk moment klaar kunnen zijn.

Het gekke is dat na verloop van tijd de benen niet meer pijn leken te doen. Of ja, wel pijn, maar het werd niet erger, ze werden eerder een soort van gevoelloos maar tegelijkertijd ook weer niet. Iets wat ik nooit eerder zo had ervaren. En elke stap die je dan zet is hetzelfde. Het is gewoon een stap, hoe simpel kan het zijn. En bij sommige stappen zegt je lijf NEE maar dan is de euforie groter en zegt het hoofd JAAAA. Want opgeven, wat is dat? Je bent bezig en iedereen met wie je samenloopt gaat verder, en je bent het nog niet beu en je bent er toch, dus dan is het zoiets van nu of nooit… tja, en dan opeens heb je het laatste rondje ook voltooid, ben je finisher van je eerste ultraloop, 68 km afgelegd, een nieuw record op Strava, moe, versleten maar voldaan. En een hoop leuke lieve stoere trailgekkies ontmoet.

Stuk voor stuk zocht iedereen zijn grens op. Zowel mentaal als fysiek. Mijn mentale grens heb ik nog niet gezien, om eerlijk te zijn. Ik kreeg zoveel energie van alles om me heen, dat ik mentaal niet zoveel moest geven als ik had verwacht. Ik genoot en had plezier, en dan gaat het bijna vanzelf. Je hoofd moet afleiding hebben. Maar fysiek… tja die grenzen heb ik wel bezocht. Hoewel die grens en stuk hoger lag dan ik had verwacht. Als je mij ’s ochtends had gezegd dat ik deze dag een marathon zou lopen, had ik je vierkant uitgelachen. Laat staan een ultratrail. Bij de gedachte alleen al zou ik spierpijn hebben gekregen. Nee, ik ging geheel zonder prestatiedoel de wedstrijd in, geen druk, gewoon lekker lopen. Het enige wat ik wilde, was een grote honger creëren voor al die kerstdiners die er aan zitten te komen. En dat is gelukt! (en stiekem wilde ik pa en Nicole er ook wel uitlopen gheheh)

Ik had nooit verwacht dat deze dag een uitkomst van 68 km zou hebben. Zeker niet na het ijzertekort dat ik een maand geleden had. Toen voelde ik me slap en waardeloos, kon ik mezelf niet fatsoenlijk aansporen tot trainen. Één ding weet ik zeker: plantaardig eten heeft me voor deze wedstrijd duizend keer meer gebracht dan alle trainingen bij elkaar. Het gebrek aan energie en voedingsstoffen is daarmee terug aangevuld. Oprecht, dit is niet alleen een ode aan de ultra, maar ook aan veganisme, want het is ongekend wat een shitload aan konijnenvoer met je kan doen. Het klinkt misschien gek, maar ik voel me, dankzij voeding, fysiek sterker dan ooit. Oh, en wel vooral door het bananenbrood dan.
Thanks groentjes.

Oh ja, nog iets, wat die quote betreft. Helemaal kloppende waarheid. Zelf ondervonden. Je loopt met je hoofd. Geloof je het niet? Ga dan nu naar buiten rennen zover je kan. Ciao!

Dobbelsteen, tot volgend jaar!

5 gedachten over “Altijd verder

Voeg uw reactie toe

  1. Prachtige prestatie Margot! Als één van de mannen uit dat eerste groepje kan ik niets anders dan respect hebben voor deze prestatie! En zoals ik onderweg al gezegd heb: ik denk dat we er een mooie concurrent(e) op de ultra-trails bij hebben. Want ik ben bang dat dit voor jou nog lang niet de limiet is 😁

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

Maak je eigen website aan bij WordPress.com
Aan de slag
%d bloggers liken dit: